Toelichting stellingen pensioendebat ABVAKABO UvA en VU dinsdag 13 sept. 15.30 -17.00 uur, Aurora
Een historische stap
Het akkoord neemt terecht afstand van het verzekeringsmodel. De garanties in euro’s van nu geven wel een veilig gevoel, maar draaien de deelnemers een rad voor ogen. Inflatie kan de koopkracht eroderen. Bij structureel te lage dekkingsgraad worden rechten afgestempeld. De verdeling van deze risicos is onduidelijk. In het nieuwe pensioencontract vangen de werkenden de beleggingsrisico"s niet meer op via fluctuaties in de premie, maar in de opgebouwde pensioenaanspraken. Gepensioneerden kunnen niet meer uitgaan van een gegarandeerd nominaal pensioen. Wel worden ze ontzien, doordat schokken worden uitgesmeerd over een periode van maximaal tien jaar. Zo delen werkenden en gepensioneerden in de pijn.
Een tweede winstpunt van het akkoord is het koppelen van de AOW-leeftijd en pensioenleeftijd aan de levensverwachting. Jongeren krijgen later pensioen, maar profiteren - doordat ze langer leven - toch nog langer van hun pensioen dan de huidige ouderen. Door te stoppen met de kostenstijgingen die uit de langere levensverwachting voortvloeien, beeindigen de sociale partners de voortdurende druk op de loonruimte.
Last but not least is het derde winstpunt dat het akkoord lage inkomens ontziet, door de AOW extra te indexeren. Dit leidt ertoe dat ook mensen met een klein aanvullend pensioen met vaak een kortere levensverwachting - al voor de AOW-leeftijd hun AOW kunnen opvragen, zonder daardoor onder het sociale minimum te zakken.
Lans Bovenberg en Theo Nijman, hoogleraren Universiteit van Tilburg, Kees Goudswaard, hoogleraar Universiteit Leiden, Jean Frijns hoogleraar Vrije Universiteit, in NRC Handelsblad, Leeuwarder Courant, donderdag 23 juni.
Jong betaalt voor oud
Het akkoord belooft dat de pensioenen in het nieuwe stelsel sneller weer prijzen en lonen zullen volgen dan in het oude stelsel. Dit wordt bereikt via een hogere rekenrente om de toekomstige verplichtingen te waarderen. Tegelijkertijd worden pensioenfondsen niet verplicht om buffers aan te houden Zo begint een pensioenfonds op een piramidespel te lijken. Wie het eerst komt wie het eerst maalt. De oudere generaties kunnen hopen op hoger pensioen maar de jongere generaties hebben weinig te hopen. Zij moeten rekening houden met tegenvallers maar krijgen hiervoor geen voldoende compensatie door meevallers want die worden aangewend voor de snellere indexatie van pensioenen van ouderen.
Paul Tang, Sweder van Wijnbergen, Dit pensioenakkoord vraagt om wantrouwen van deelnemers, Me Judice, 4 juli 2011
Het gaat primair om het verdelen van het opgebouwd vermogen over oud en jong. Een hoge rekenrente schat de waarde van verplichtingen aan jongeren laag in waardoor meer uitgekeerd kan worden aan ouderen. Zo gaat een groter deel van de pot naar oud en dus een kleiner deel naar jong. Aangezien jongeren onder de oude lagere rekenrente betaald hebben, dragen ze een flink deel van hun contributies zonder compensatie over naar oud. De bedragen zijn gigantisch: er moet circa euro 800 mrd overgaan naar het nieuwe systeem: de greep in de kas ten nadele van jongeren kan tot zo"n kleine honderd miljard oplopen. Dezelfde indexatie die naar ouderen in cash gaat ook aan jongeren beloven lost dit probleem niet op. Al denkt Agnes Jongerius dat wel. Papieren beloften zijn niets waard als de pot leeg is wanneer ze ingelost moeten worden. Dat is geen loos dreigement: het voorgestelde systeem is in gebruik bij Amerikaanse (deel)staatpensioenfondsen, waarvan zo"n 65% binnen 15 jaar bankroet zal zijn. Erop vertrouwen dat pensioenfondsbesturen dit niet laten gebeuren, zoals het CNV in april voorstelde, is gedragspsychologisch gezien levensgevaarlijk. Hoe leg je als fonds A aan je deelnemers uit dat je niet indexeert als fonds B met een identieke dekkingsgraad dat wel doet? Concurrentiedruk dwingt op termijn ook goedbedoelende besturen tot onverantwoord gedrag. Desastreus lemminggedrag kan alleen verhinderd worden door wettelijk af te dwingen om de lagere risicovrije rente bij het waarderen van verplichtingen te gebruiken.
De tweede tijdbom is de oncontroleerbare prikkel meer risico te nemen. Je krijgt zo een hoger verwacht rendement, dat in het akkoord tot een lagere waarde van verplichtingen leidt en dus tot een hoger eigen vermogen. De cirkelredenering sluit als je met dat hoger eigen vermogen dat hoge risico verdedigt. Het zijn luchtspiegelingen, maar iedere gedragspsycholoog weet dat dit soort prikkels op termijn - hoe goed de intenties van het individu ook zijn - onweerstaanbaar zijn.
Theo Kocken, hoogleraar risk management VU, Sweder van Wijnbergen, hoogleraar economie UvA in het Financile Dagblad, 28 juli 2011.
Arm betaalt voor rijk
Terwijl de battle of generations volop aandacht trekt, blijven de verschillen binnen generaties onbesproken. Dat is zeer onterecht. Zo zijn de verschillen in levensverwach뫫ting fors. Hierdoor is volgens het CPB een laagopgeleide man ruim een kwart van de ingelegde premies kwijt aan hoogopgeleiden (17%) en aan vrouwen (9%). Het is onbegrijpelijk dat deze vorm van perverse solidariteit steeds in stand blijft. Het maximeren van de pensioenopbouw zou de subsidies van arm naar rijk verminderen.
Paul Tang, Sweder van Wijnbergen, Dit pensioenakkoord vraagt om wantrouwen van deelnemers, Me Judice, 4 juli 2011
Een grote boosdoener is de franchise. Dit is het bedrag dat een pensioenregeling instelt als AOW-bedrag. Daarover bouwt u geen pensioen op. Stel uw franchise is 15.000 euro, wat veel voorkomt. Als u dan 30.000 euro verdient, bouwt u over slechts 15.000 euro (30.000 minus 15.000) pensioen op. Over de helft van uw inkomen dus. Maar uw hoogste baas die 200.000 euro beurt, bouwt over 185.000 euro pensioen op, 93 procent van zijn inkomen, procentueel bijna twee keer zoveel. Hoe hoger de franchise des te zwaarder laagbetaalden hun veelverdienende collega’s subsidiren.
Blog Erica Verdaal, 23 januari 2010
Overhevelen bestaande rechten juridisch discutabel
Er zit een kolossale adder onder het poldergras. De circa euro 800 mrd aan nominale
verworven pensioenaanspraken en -rechten, opgebouwd onder het bestaande stelsel, zijn in beginsel onaantastbaar. Alleen in uiterste gevallen kunnen fondsen pensioenen verlagen (korten of afstempelen). Invaren, d.w.z. het overhevelen van bestaande rechten naar het nieuwe stelsel, is problematisch omdat (1) rechthebbenden daarmee moeten instemmen, (2) de Pensioenwet zonder instemming opgebouwde rechten praktisch onaantastbaar maakt (uitzondering is korten) en (3) Europees recht eigendomsbescherming biedt.
Maarten Minnaard en Mark Heemskerk, pensioenadvocaten, in Het Financile Dagblad, 10 maart 2011. Heemskerk is tevens verbonden aan het Expertisecentrum Pensioenrecht van de Vrije Universiteit.
Verzameld door Jaap de Visser, 11 augustus 2011.
